Alle berichten van e heuvelman

Fowler Persoonlijk

Henry: Ik worstelde verscheidene weken lang met beproevingen omtrent ongeloof. ….Ik herinner mij een dag dat toen ik op de markt te Portsmouth liep, ik plotseling werd aangevallen met een geest van godslastering en opstand..de vijand fluisterde mij in: gij doet er beter aan uzelf te verdrinken dan zou al die ellende een einde hebben. Zulke wanhopige gedachte deed mij sidderen en ik strijde met de Heere, die had toegelaten dat ik in zulke toestand was gekomen. Ten laatste kwamen deze woorden allerkrachtigst in mijn gemoed: Wees niet gelijk een paard, gelijk een muilezel, welke geen verstand heeft, welks muil men breidelt met toom en gebit. Dit stuitte in korte tijd mijn opstand en dacht: Wel, ik heb gehandeld gelijk een beest! Heeft de Heere geen recht om mij te beproeven gelijk het Hem behaagt?

..Bij het herdenken van dit bezoekingsuur, ben ik geneigd te geloven dat het Gods leerschool was en dat Hij mij voorbereidde, om voor Zijn volk van enig nut te zijn en ik geloof dat de leerschool van beproeving beter berekend is, om een nuttig prediker van Jezus Christus toe te bereiden, dan al de geleerdheid van al de hoge scholen en academies in het heelal. Alle menselijke bekwaamheden die iemand kan hebben, kunnen hem niet tot een leraar van Jezus Christus maken

meeHelper gezocht

De stichting is op zoek naar iemand die mee wil helpen informatie te verzamelen of op te stellen voor de website, en of teksten in te spreken. We zien er naar uit dat u interesse hebt en nodigen u uit een E-mail te sturen.

tiptaft persoonlijk

Ik bemerk dat mijn oude natuur erg sterk aan geld gehecht is, als ik ervan scheid. Als ik had geleefd in de dagen der apostelen, zou ik in mijn hart de zonde van Ananias hebben gevonden, als ze al niet de overhand had verkregen. Alles verkopen of een deel verkopen is een heel verschillende zaak. Maar als de wereld ziet, dat we hebzuchtig zijn en geen offers willen brengen, staan ze gereed te zeggen: ‘Wat doet u meer dan anderen doen?’

philpot aan het woord

Mijn vrienden, uw eigen wijsheid, uw eigen kracht, uw eigen gerechtigheid, uw eigen godsdienst –weg ermee! Het is geen cent waard in de dingen van God. Maar hoe dieper u uw behoefte voelt, hoe gepaster Jezus is. Hoe meer leeg, hoe meer plaats om gevuld te worden; hoe meer uitgekleed, hoe meer plaats om bekleed te worden; hoe meer terneergeslagen, hoe meer plaats om opgericht te worden.

philpot persoonlijk

Welnu, indien u het kunt stellen met een godsdienst, die hierbij ten achter blijft, welke dit dan ook zijn mag, ik kan dit niet. Ik heb een einde gezien aan iedere andere godsdienst. Geen andere godsdienst zal een schuldige consciëntie stillen. Geen andere zal van vrede spreken tot een bekommerd hart. Geen andere zal twij­fel en vrees uitbannen. Geen andere zal mij hier zegenen en mij ook niet veilig ten hemel opnemen hierna. Maar ik ben er zeker van, dat die godsdienst, die Gods gave en Gods werk is, en die niet in de wijsheid van de mens staat, maar in de kracht van God, dat die mij hier zal zegenen, en mij hierna ten hemel zal opnemen. Ik ben er zeker van, dat wat God tot mijn ziel spreekt, stand zal houden, als de wereld in brand zal staan.

philpot aan het woord

Johannes waarschuwde voor de vele valse profeten en ze moesten de geesten beproeven. En zo zal het zijn tot het einde van de tijd; vele blinden die de blinden leiden, en maar weinigen die het heerlijke Evangelie prediken. Dode belijders horen niet graag hoe weinig mensen een godsdienst van de rechte soort hebben, die stand zal houden wanneer de wereld in vuur en vlam staat. Zij die het kostelijke van het snode scheiden, als dienaars van Christus, zullen gehaat en veracht worden. Het is de waarheid die ergernis geeft.

philpot persoonlijk

Ik ben ervan overtuigd, dat er voor mij tijden zijn, waarin ik niet meer godsdienst, niet meer geestelijk gevoel schijn te hebben, en het werk Gods in mijn consciëntie niet meer kan naspeuren, dan alsof er geen God, geen hemel, geen hel, geen oordeel, geen eeuwigheid was. Maar door genade zijn er tijden en ogenblikken, waarop mijn hart ernstig wordt gestemd door de Goddelijke zaken. Wanneer deze met dat gewicht en met die kracht op mijn ziel liggen, dat ik ze wel moet gevoelen, of ik nu wil of niet.

Nieuwe uitgave Philpot

Dit jaar is het 150 jaar geleden dat Joseph Charles Philpot stierf. Een geschikte gelegenheid om de nog nooit eerder uitgegeven preken van hem uit te geven (± 40 stuks).

Naar verwachting verschijnt in November 2019:

Laatste preken van J.C. Philpot Deel 1
128 pag. , ISBN 978-90-76450-11-7, €12,50
Inhoud:

  1. Psalm 29:11 / Belofte van sterkte en vrede
  2. 1 Johannes 2:20 / De zalving van de Heilige
  3. Psalm 119:32 / Goddelijke verwijding en geestelijke gehoorzaamheid
  4. 1 Korinthe 1:9 / Geroepen tot Goddelijke gemeenschap
  5. Jesaja 18:7 / Een welgevallig geschenk voor de HEERE der heirscharen
  6. Lukas 23:42-43 / Het gebed van de moordenaar en de verhoring ervan
  7. Hebreeën 4:15-16 / Een medelijdende Hogepriester en een troon der genade

Joseph Charles Philpot was predikant in Engeland en leefde van 1802-1869. Een groot aantal van zijn preken is via steno in schrift vastgelegd, welke hij veelal zelf voor de publicatie corrigeerde. Zelfs vanaf dat hij leefde tot nu toe zijn ook in Nederland bijna vierhonderd preken van hem vertaald en uitgegeven. De preken in deze serie zijn naar alle waarschijnlijkheid de laatste niet eerder uitgegeven preken. Enkele preken lijken reeds eerder uitgegeven doordat de Bijbelteksten overeenkomen, maar deze preken zijn dan in andere jaren uitgesproken en van andere inhoud.

Voor zeer velen in zijn tijd waren de preken en teksten van Philpot tot grote zegen en bemoediging. Zelf met diep geestelijk inzicht van God geleerd, verklaarde hij op ordelijke en treffende wijze hoe God Zijn volk leidt, en ontblootte daarnaast dode belijders in de godsdienst. Philpot: Mijn vrienden, uw eigen wijsheid, uw eigen kracht, uw eigen gerechtigheid, uw eigen godsdienst –weg ermee! Het is geen cent waard in de dingen van God. Maar hoe dieper u uw behoefte voelt, hoe gepaster Jezus is. Hoe meer leeg, hoe meer plaats om gevuld te worden; hoe meer uitgekleed, hoe meer plaats om bekleed te worden; hoe meer terneergeslagen, hoe meer plaats om opgericht te worden. … De Heere zal ons leren dat wij werkelijk arm en behoeftig zijn; dat wij niets zijn en niets hebben; dat wat wij hebben, Zijn gave is en dat wat wij zijn, Zijn werk is.

Voor zijn sterven in de nacht van 9 december 1869 zei hij: ‘O, mocht ik nu heengaan en bij Christus zijn, want dat is zeer verre het beste.’ ..‘Loof den HEERE, o mijn ziel!’.

Philpot zei over de teksten die hij publiceerde: Wij schrijven ook voor hen die na ons komen. Bijgevolg hebben de preken uit die tijd na 150 jaar na zijn sterven nog niets van hun frisheid en diep geestelijk inzicht verloren.

—————————————————————–

DV begin 2020 verschijnt William Gadsby Deel 3, ISBN 978-90-76450-12-4, 160 pag, € 12,50.

Philpot persoonlijk

Wat mezelf betreft heb ik de vreze Gods bijna veertig jaar lang beleden, en naar ik hoop ook bezeten… ….. We kunnen – zelf ben ik dat vaak geweest – beproefd worden, wat betreft de wezenlijkheid van het werk; en soms word ik tot op deze dag beproefd of ik een enkele korrel genade in mijn hart bezit. Maar, ik heb nooit getwijfeld aan het tijdstip, waarop, nóch aan de omstandigheden, waaronder het begon, nóch wat mijn gevoelens waren onder de eerste onderwijzingen van de ge­zegende Geest in mijn hart; en ik ben in mijn eigen gedachten tot dit besluit gekomen, dat zo dit verkeerd is, dat dan alles verkeerd is; zo dit goed is, dat dan alles goed is. Als ik met God begonnen ben, dan kan God me tot het einde aan mezelf overlaten; maar als God met mij begonnen is, onafhankelijk van enige wil, neiging, kracht of handeling van mezelf, in een souvereine weg van genade, door Zijn vreze in mijn hart te planten en Goddelijk leven aan mijn ziel mede te delen – als God Zelf aldus een goed werk in me begonnen is, dan heb ik Zijn zekere belofte, dat Hij dat voleindigen zal tot op den dag van Jezus Christus (Filip. 1:6). Hierop steunen we soms temidden van twijfel, vrees, en ver­warring; ja we steunen op het werk Gods in ons hart, zoals dat door Hemzelf begonnen is. Dit moeten we dus gedenken, en dit is niet erg moeilijk, want het eerste werk op onze consciëntie ligt soms zo vers in de gedachten, alsof het gisteren geschiedde. De mensen vertellen me soms, dat ik een sterk geheugen bezit, doch of ons geheugen sterk of zwak is, het is verbazend wat een indruk de Goddelijke wezenlijkheden op onze geest maken in hun eerste mededeling. Vaak ook, waren de leidingen Gods met ons in de Voorzienigheid even kenmerkend als de leidingen met ons in de genade.

Philpot persoonlijk

Ik kan hier wel van ondervinding spreken, dat het ontbloten en in de laagte brengen niet in één dag geschiedt, maar vaak een werk van lange duur is. Ik was voor vele jaren terug niet ontbloot, niet in de laagte gebracht, toen, naar ik geloof dat de Heere mijn ziel levend maakte; maar toen werd ik van het eerste ogenblik af, geleid om meerder of minder te strijden naar wettige voorwerpen en kon ik niet zijn zonder inwendige godsdienst. Maar volkomen zielsarmoede drukte mij niet, schaamte en verlegenheid had mijn aangezicht nog niet bedekt. Ik had toen nog niet gevoeld wat een laag monster van snoodheid ik was, noch van mijzelf gewalgd en mij verfoeid in stof en as. De volkomen hulpeloosheid van de mens was voor mij meer een leerstelling dan een waarheid; ik was niet bekend met de machtige en overweldigende kracht van de zonde, nog had het ploegijzer van de verzoeking het diep bederf van mijn hart aan de dag gebracht. Daarom streed ik onwettig. Wanneer ik viel, zoals ik gedurig viel, zo had ik enig geheim voorbehoud in mijzelf, enige gebeden, of berouw, of hoop of voornemens, om mij uit de diepte op te helpen.

philpot aan het woord

De last kan wel blijven, maar er wordt kracht gegeven om deze te dragen; de beproevingen worden niet verminderd, maar de kracht om ze te doorstaan wordt vermeerderd; de boosheden van het hart worden niet weggenomen, maar er wordt genade medegedeeld om ze te onderwerpen.